CX255 7309 9

Kleine wondertjes van goochelaars

IJMUIDEN AAN ZEE – ,,Hoeveel boutjes heb ik in mijn handen’’, vraagt goochelaar Magic John aan zijn publiek. Een toeschouwer zag iets eerder nog twee boutjes liggen op de tafel en zegt dan ook twee. Drie stuks komen tevoorschijn uit de handen van de goochelaar. ,,Echt cool man!”, schreeuwt een meisje uit het publiek. De act was slechts één van de trucs tijdens de tweede editie van Boulevard of Magic, zondag aan de Kennemerboulevard in IJmuiden aan Zee.

Elf goochelaars uit het hele land deden mee aan de wedstrijd om kans te maken op de hoofdprijs van 500 euro.

Toeschouwer Aad de Koning snapt niets van de truc met de schroefjes. ,,Ik heb geen idee hoe hij het doet. Soms denk ik te zien hoe het moet en dan snap ik er nog niks van.” En dat is precies wat Magic John leuk vindt aan het goochelen. De verwondering. De goochelaar heeft vaker meegedaan aan wedstrijden, waaronder het Nederlands Kampioenschap Goochelen, maar de sfeer tijdens deze competitie vindt hij beter. ,,De sfeer is relaxed. Dat neemt niet weg dat je moet blijven opletten tijdens een truc. Anders word je iets te nonchalant.”

De relaxte sfeer is het organisator Henk Koster om te doen.

,,Wij zijn hier minder streng dan op een goochelcongres. Het gaat bij deze wedstrijd om hoe je het brengt.” Koster goochelde jarenlang en is zelfs Nederlands kampioen geworden. Hoewel hij een aantal jaren gestopt is, blijft hij het leuk vinden om soms te doen. ,,Goochelaars laten kleine wondertjes zien. Wat wij doen kan eigenlijk helemaal niet. Het is dan fantastisch om de reacties van mensen te zien. Iedereen heeft zijn problemen. Tijdens zo een truc zie je mensen hun zorgen even verdwijnen. Dat moment, daar gaat het om. Niet om de techniek, maar om de verwondering.” De paarse goochelaar Quintus is het hier mee eens. ,,Met mensen om kunnen gaan is veel belangrijker dan snelle vingers hebben.”

De veertienjarige Wessel Kort staat zich voor te bereiden om mensen te verwonderen. De jonge artiest goochelt vijf jaar en heeft anderhalve maand flink geoefend voor het evenement. Kort verzint altijd eerst een verhaal, waarna hij een truc erbij bedenkt. Groot voorbeeld zijn duo Rob en Emiel voor hem. ,,Zij kunnen niet alleen goochelen, maar hun presentatie is ook goed.”

Toch wil hij het niet beroepsmatig gaan doen. ,,Ik wil geschiedenisdocent worden. Als je namelijk iets te veel doet dan vind je het op een gegeven moment niet meer leuk. Ik blijf het er wel bij doen.”

IJmuider Courant, 25 mei 2015

Door Jeroen Dikker